U heeft recht op kinderbijslag
Hoe kinderbijslag aanvragen?
Er zijn vaste procedures en bepalingen die de aanvraag en de uitbetaling
van de kinderbijslag in goede banen moeten leiden. Ze betreffen de volgende
zaken:
- Aanvraag kinderbijslag
- Recht op kinderbijslag: begin, einde en schorsing
- Toekenning van de kinderbijslag per trimester:
trimestrialisering
- Tijdstip van de uitbetaling
(link naar nieuwe pagina)
1. Aanvraag kinderbijslag
Een aanvraag om kinderbijslag ((PDF) Model
AA) is enkel nodig indien het om
een eerste aanvraag om kinderbijslag gaat of indien de rechthebbende:
- kinderbijslag ontving in de regeling voor zelfstandigen;
- door een ander land uitbetaalde kinderbijslag ontving;
- kinderbijslag ontving van de dienst Gewaarborgde gezinsbijslag
van de RKW (met name de tewerkstellingen op basis van artikel 60 § 7
van de organieke wet betreffende de OCMW’s);
- kinderbijslag ontving van de dienst Residuaire rechten, die
ook door de RKW uitbetaald wordt.
Volgende documenten moeten in elk geval ter beschikking komen van het
bevoegde kinderbijslagfonds:
In geval van een 1ste geboorte
- officieel geboortebewijs, afgeleverd door het gemeentebestuur om de betaling van het kraamgeld te verantwoorden
- aanvraag om de kinderbijslag op een bankrekening te storten ((PDF) Model W) indien de bijslagtrekkende dit wenst [1]. Anders wordt de kinderbijslag betaald per circulaire cheque. Gelieve op te merken dat betaling via circulaire cheque risico's inhoudt: fraude, diefstal, ...
In geval van een volgende geboorte
- officieel geboortebewijs, afgeleverd door het gemeentebestuur om de betaling van het kraamgeld te verantwoorden
De RSZPPO controleert de aanwezigheid van de kinderen in het gezin via het Rijksregister der Natuurlijke Personen.
top
2. Recht op kinderbijslag: ontstaan, einde en schorsing
Ontstaan van het recht op kinderbijslag
Het recht op kinderbijslag wordt toegekend vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de gebeurtenis. Dit is bijvoorbeeld het geval:
- bij de geboorte of adoptie van een kind
- bij de opname in een pleeggezin
- als een jonge werkzoekende (< 25 jaar) besluit om zijn/haar studies te hervatten
- als een alleenstaande werkloze moeder voor het eerst begint te werken
Einde van het recht op kinderbijslag
Wanneer het recht op kinderbijslag vervalt in de loop van de maand, wordt ervan uitgegaan dat het vervalt op het einde van die maand.
Schorsing van het recht op kinderbijslag
Het recht op kinderbijslag kan tijdelijk geschorst worden als het rechtgevend kind niet meer voldoet aan de voorwaarden voor het recht op kinderbijslag. Het gaat dan om:
- het uitoefenen van een winstgevende activiteit
- het krijgen van een sociale uitkering
- schoolverzuim
- ziekte tijdens de wachttijd van de werkzoekende
De schorsing gaat onmiddellijk in vanaf dezelfde maand.
Zie ook: Voor wie de kinderbijslag aanvragen? (voorwaarden voor kinderen vanaf 18 jaar)
top
3. Toekenning van de kinderbijslag per trimester: trimestrialisering
Het recht op de basiskinderbijslag wordt trimester per trimester vastgesteld op basis van een referentiemaand. [2] Deze trimestrialisering moet de betaling van de kinderbijslag verzekeren voor een heel trimester zonder een maandelijkse verantwoording van de prestaties van de rechthebbende.
De verhoogde wezenbijslag, de leeftijdsbijslagen en de verhoogde bijslagen voor gehandicapte kinderen blijven echter maandelijks vastgesteld.
Het bepalen van de referentiemaand verschilt naargelang het gaat om een "nieuw recht" (bv. geboorte 1ste kind) of een "voortgezet recht" (bv. geboorte volgende kinderen, verandering werksituatie rechthebbende).
Nieuw recht
Als er een "nieuw recht" ontstaat dan is de referentiemaand deze waarin het recht ontstaat.
Het gaat om de geboorte of adoptie van een 1ste kind, de 1ste tewerkstelling van de rechthebbende, de 1ste keer of opnieuw voorrangsgerechtigd worden. [3]
De prestaties van de rechthebbende tijdens die maand geven recht op de basiskinderbijslag voor het lopend en volgend trimester (zolang het kind ook aan de voorwaarden voldoet om recht te geven op kinderbijslag). Ook de vereiste band tussen de rechthebbende en het kind, bv. stiefvader, moet enkel en alleen bestaan in de referentiemaand.
Het kinderbijslagfonds van de huidige werkgever is bevoegd voor de uitbetaling tijdens die periode. Indien de rechthebbende werkloos of arbeidsongeschikt is, is het fonds van zijn laatste werkgever bevoegd.
Voortzetting van het recht
Bij een voortgezet recht is de vestiging van de kinderbijslag geen nieuw feit voor het bijslagtrekkende gezin. Het gaat dan om een 2de of volgende geboorte of adoptie of een verandering in de werksituatie van de rechthebbende.
De referentiemaand is in dit geval de 2de maand van het vorige trimester:
| 1 |
januari - februari - maart |
november |
| 2 |
april - mei - juni |
februari |
| 3 |
juli - augustus - september |
mei |
| 4 |
oktober - november - december |
augustus |
Die bepaalt de schaal (gewone of verhoogde) van de kinderbijslag tot het eind van het volgende trimester.
Een voorbeeld:
In een gezin met 3 kinderen is de vader langdurig arbeidsongeschikt en de moeder werkloos. Hierdoor is er recht op een verhoogde sociale toeslag. Als de moeder een job vindt zal het gezinsinkomen hoger zijn dan het grensbedrag voor de sociale toeslag. Loopt het arbeidscontract in de 2de maand van een trimester (bv. februari), dan vervalt het recht op de sociale toeslag vanaf het volgende trimester. Loopt het pas vanaf de 3de maand van een trimester, dan blijft het recht op de sociale toeslag ook nog het volgende trimester gelden.
Bevoegdheid van de fondsen
Bij de indiensttreding van een werknemer die reeds rechthebbende op kinderbijslag is, betaalt het kinderbijslagfonds van de werkgever, waarbij de werknemer in dienst is bij het begin van de referentiemaand, de kinderbijslag voor het volgende trimester.
Het huidige kinderbijslagfonds is verplicht de betalingen uit hoofde van de rechthebbende voort te zetten zolang het volgende fonds zijn dossier niet geregulariseerd heeft. Er is dus geen onderbreking in de betaling.
Een beroepsactiviteit van minder dan 28 kalenderdagen (of 15 kalenderdagen vóór 01/05/2000) of een indienstneming als uitzendkracht wordt beschouwd als geneutraliseerde toestand en veroorzaakt geen verandering van fonds.
Samenvatting
| Gebeurtenis |
Wijziging bedrag |
Basis berekening |
| ontstaan recht - 1ste geboorte of adoptie, opname in pleeggezin (nieuw recht) |
eerste dag volgende maand |
referentiemaand = maand gebeurtenis |
| ontstaan recht - volgende geboorte of adoptie |
eerste dag volgende maand |
referentiemaand = 2de maand vorig trimester |
| ontstaan recht - andere gebeurtenis (bv. studies) |
eerste dag volgende maand |
referentiemaand = 2de maand vorig trimester |
| verdere toekenning basiskinderbijslag |
geen wijziging |
referentiemaand = 2de maand vorig trimester |
| hogere leeftijdscategorie - leeftijdstoeslag |
eerste dag volgende maand |
geen trimestrialisering |
| vaststelling gehandicapt kind - toeslag voor gehandicapt kind |
eerste dag volgende maand |
geen trimestrialisering |
| overlijden ouder - wezenbijslag |
eerste dag volgende maand |
geen trimestrialisering |
| wijziging werksituatie rechthebbende - sociale toeslag |
eerste dag volgende maand |
referentiemaand = 2de maand vorig trimester |
| schorsing recht |
eerste dag maand |
geen trimestrialisering |
| einde recht |
eerste dag volgende maand |
geen trimestrialisering |
| nieuwe rechthebbende / afstand voorrangsrecht |
eerste dag volgend trimester (*) |
referentiemaand = maand gebeurtenis |
| bevoegdheid kinderbijslagfonds |
geen wijziging |
nieuw recht: referentiemaand = maand gebeurtenis
voortzetting recht: referentiemaand = 2de maand vorig trimester |
(*) De voorrang moet nog bestaan op de eerste dag van het trimester.
Een voorbeeld
Een gezin met twee loontrekkende ouders en 1 kind waarbij de vader rechthebbende is. Het kind wordt op 19 oktober 12 jaar en valt dus in een hogere leeftijdscategorie. Daarbij geldt voor dit trimester het volgende:
- oktober: gewone kinderbijslag op basis van de prestaties van de vader in augustus + leeftijdstoeslag voor een kind van 6 t.e.m. 11 jaar
- november: gewone kinderbijslag op basis van de prestaties van de vader in augustus + leeftijdstoeslag voor een kind van 12 t.e.m. 17 jaar
- december: gewone kinderbijslag op basis van de prestaties van de vader in augustus + leeftijdstoeslag voor een kind van 12 t.e.m. 17 jaar
Indien de vader in december met pensioen gaat dan zal de uitbetaling van december nog gelden voor de maanden januari, februari en maart. Immers, de vader was nog loontrekkende in de referentiemaand november.
De vader kan, als gepensioneerde rechthebbende, recht hebben op een sociale toeslag indien het gezinsinkomen een bepaald grensbedrag niet overschrijdt. De referentiemaand is hier februari.
top
[1] Deze bankrekening moet op naam staan van de persoon die de kinderbijslag ontvangt (= bijslagtrekkende) of op naam van bv. beide ouders op voorwaarde dat de bijslagtrekkende medetitularis is. Een volmacht volstaat niet.
[2] In een jaar zijn er 4 trimesters of kwartalen, nl. januari - maart, april - juni, juli - september, oktober - december
[3] Andere situaties waarin een nieuw recht toegekend wordt zijn te specifiek en complex in het kader van deze website. Vragen hierover zullen dossier per dossier beantwoord worden.