Deze website draagt het AnySurferlabel, een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites. Meer informatie vindt u op www.anysurfer.be.

rszppo.fgov.be burger statuut kind student

Het statuut van uw kind wijzigt
Uw kind is student

Tot de leeftijd van 18 jaar is er een onvoorwaardelijk recht op kinderbijslag. De kinderbijslag kan verder worden toegekend tot 25 jaar voor het niet-leerplichtige kind dat onderwijs volgt en dit onder bepaalde voorwaarden.

  1. Voorwaarden voor het secundair onderwijs
  2. Voorwaarden voor het hoger onderwijs
  3. Toegelaten activiteiten en inkomsten om het recht op kinderbijslag te behouden
  4. Studeren in het buitenland

 

1. Voorwaarden voor het secundair onderwijs

Kinderbijslag wordt toegekend voor een kind dat in een of meerdere onderwijsinrichtingen lessen volgt, m.n.:

  • voltijds erkend niet-hoger onderwijs, waaronder niet-hoger onderwijs van sociale promotie;
  • onderwijs gevolgd in een instelling voor buitengewoon onderwijs;
  • buiten België ingericht niet-hoger onderwijs waarvan het programma erkend is door de buitenlandse overheid of overeenstemt met een programma erkend door die overheid;
  • een middenstandsopleiding in het kader van opleiding tot ondernemingshoofd

Voorwaarden

  • minimum 17 lesuren per week
  • 1 lesuur = 60 minuten
  • de tijd voor verplichte stages, verplichte praktische oefeningen en verplichte studie voor het behalen van een diploma, getuigschrift of brevet staan gelijk met lesuren.

! Schoolverzuim kan aanleiding geven tot de schorsing van het recht op kinderbijslag.

Vakanties

De kinderbijslag blijft behouden tijdens de kerst- en de paasvakantie wanneer het kind regelmatig de lessen heeft gevolgd sinds het begin van de kalendermaand die de maand, waarin de vakantie begint, voorafgaat.

De kinderbijslag wordt behouden tijdens de zomervakantie op voorwaarde dat het kind de lessen regelmatig heeft gevolgd vanaf de paasvakantie. De zomervakantie is de periode tussen het einde van het schooljaar in de onderwijsinrichting die het kind vóór de vakantie bezocht en het begin van het schooljaar in de onderwijsinrichting waar het kind het volgende jaar schoolgaat of het begin van het volgende academiejaar. Die periode mag niet meer dan 120 kalenderdagen beslaan.

Als het kind de lessen niet hervat, wordt de kinderbijslag toegekend tijdens de zomervakantie van de onderwijsinrichting die het kind verlaten heeft. Deze vakantieperiode eindigt uiterlijk op 31 augustus.

top

2. Voorwaarden voor het hoger onderwijs

Het gaat hier om een inschrijving in een of meer inrichtingen voor hoger onderwijs binnen of buiten België om er een of meer vormingen te doorlopen, nl.:

  • het in België ingericht erkend hoger onderwijs, waaronder hoger onderwijs van sociale promotie;
  • het buiten België ingericht hoger onderwijs waarvan het programma erkend is door de buitenlandse overheid of overeenstemt met een programma erkend door die overheid;
  • de vorming van bedienaars voor erediensten erkend door de Staat;
  • de wetenschappelijke leergangen als voorbereiding op de Koninklijke Militaire School of ingenieursstudiën

Voorwaarden

Er is recht op kinderbijslag voor het volledig academiejaar als de student ten laatste op 30 november is ingeschreven voor ten minste 27 studiepunten.

Verdere bepalingen

  • indien het gaat om verscheidene inschrijvingen, dan moet de eerste inschrijving ten laatste op 30 november gebeuren;
  • indien de inschrijving na 30 november plaats heeft en het minimum van 27 studiepunten bereikt is, wordt de kinderbijslag verschuldigd vanaf de maand volgend op de inschrijving;
  • indien in de loop van het academiejaar het aantal studiepunten verminderd wordt tot onder 27 studiepunten of indien de studies voortijdig beëindigd worden, vervalt het recht op kinderbijslag vanaf de maand volgend op de wijziging. De reeds uitbetaalde kinderbijslag (voor de periode vóór de vermindering/beëindiging) hoeft niet te worden terugbetaald.

Voorbeelden

  1. inschrijving vóór 30 november in een of meerdere instellingen en spreiding van de studiepunten als volgt:
    september – december: 15 studiepunten
    januari – mei: 15 studiepunten

    Het minimum van 27 studiepunten is bereikt. De kinderbijslag wordt voor het volledige academiejaar verschuldigd.

  2. inschrijving vóór 30 november en spreiding van de studiepunten als volgt:
    september – december: 30 studiepunten
    januari – mei: 0 studiepunten

    Het minimum van 27 studiepunten is bereikt. De kinderbijslag wordt voor het volledige academiejaar verschuldigd.

  3. inschrijving vóór 30 november voor het 1ste semester:
    september – december: 10 studiepunten

    Het minimum van 27 studiepunten is niet bereikt: er is geen recht op kinderbijslag.

    2de inschrijving voor het 2de semester:
    januari – mei: 20 studiepunten

    Alle voorwaarden worden dus beantwoord: inschrijving vóór 30 november en minimum van 27 studiepunten bereikt voor het academiejaar (10+20 studiepunten). De kinderbijslag zal met terugwerkende kracht voor de periode september – december uitbetaald worden.

Specifieke gevallen

  • Indien de studies (nog) niet in studiepunten uitgedrukt worden, is er recht op kinderbijslag voor het volledige academiejaar indien:
    • minder dan 25 jaar oud
    • de cursussen met een volledig leerprogramma overeenstemmen of
    • inschrijving voor minstens 13 lesuren per week
  • Indien een deel van de studies in studiepunten uitgedrukt wordt en de rest (nog) niet, is er recht op kinderbijslag indien na omzetting van de studiepunten in uren, het geheel minstens 13 lesuren per week bereikt.
  • Inschrijving slechts voor een masterproof: minstens 27 studiepunten
  • Inschrijving slechts voor licentiaatverhandeling: maximum een jaar vanaf de laatste zomervakantie tot de datum van overhandiging van de verhandeling. De eindverhandeling moet een voorwaarde zijn tot het bekomen van een wettelijk gereglementeerd diploma.
  • Bij studies in het buitenland in het kader van een uitwisselingsprogramma, zoals Erasmus, voorziet de universiteit of hogeschool waar men zich in België inschrijft een attest voor het kinderbijslagfonds. Gaat het om studies buiten een studie-uitwisselingsprogramma, dan dient men vóór het vertrek contact op te nemen met het kinderbijslagfonds om de formulieren te verkrijgen die de buitenlandse onderwijsinstelling moet invullen.

Vakanties

De kinderbijslag blijft behouden tijdens de periode tussen twee opeenvolgende academiejaren. Die periode mag niet meer dan 120 kalenderdagen beslaan.

Als het kind de lessen niet hervat door een inschrijving in een inrichting voor hoger onderwijs, wordt de kinderbijslag toegekend tijdens de zomervakantie van de onderwijsinrichting voor hoger onderwijs die het kind verlaten heeft. Deze vakantieperiode eindigt uiterlijk op 30 september.

top

3. Toegelaten activiteiten en inkomsten [1] om het recht op kinderbijslag te behouden

Activiteiten

  • Tijdens het academiejaar (d.w.z. het eerste, het tweede en het vierde kwartaal): men krijgt kinderbijslag voor een heel kwartaal, op voorwaarde dat men in dat kwartaal niet meer dan 240 uren heeft gewerkt. Is deze norm in een kwartaal overschreden, dan gaat de kinderbijslag voor de drie maanden van dat kwartaal verloren.

  • Tijdens de zomervakantie (d.w.z. juli, augustus en september) mag de student onbeperkt werken.

    ! De student heeft maar recht op kinderbijslag tijdens de zomervakantie (derde kwartaal) als hij/zij ook gedurende het tweede kwartaal (d.w.z. het kwartaal dat de zomervakantie voorafgaat) recht had op kinderbijslag.

    ! uitzondering: tijdens de laatste zomervakantie na het beëindigen van de studies geldt een beperking van 240 werkuren. Zie ook: Uw kind is werkzoekende

Het aantal gewerkte uren wordt strikt gecontroleerd via de DmfA-aangifte van de werkgever.

Inkomsten

  • Wanneer een niet-leerplichtig kind een van de types deeltijds gewoon of bijzonder secundair onderwijs volgt, mag het brutoloon uit een winstgevende activiteit niet hoger zijn dan 499,86 EUR per maand. Deze grens geldt ook voor een sociale uitkering [2] ingevolge deze activiteit.

  • Wanneer een niet-leerplichtig kind een stage verricht, noodzakelijk voor het behalen van een erkend diploma, mag de brutomaandvergoeding voor die stage niet hoger zijn dan 499,86 EUR. Deze grens geldt ook voor een sociale uitkering [2] ingevolge deze activiteit.

  • Wanneer een niet-leerplichtig kind een zelfstandige activiteit uitoefent waarvoor geen sociale bijdragen verschuldigd zijn of waarvoor er een vrijstelling is, wordt aangenomen dat deze activiteit beperkt is tot 240 uur per kwartaal. Zijn er echter wel sociale bijdragen verschuldigd, dan wordt vermoed dat de 240-urengrens overschreden werd en vervalt het recht op kinderbijslag.

top


[1] Het gaat om inkomsten uit een winstgevende activiteit, nl. elke activiteit uitgeoefend in het kader van een arbeidsovereenkomst of een statuut of als zelfstandige.


[2] Een sociale uitkering die het gevolg is van toegelaten werk (vakantiegeld of een uitkering voor ziekte, invaliditeit, arbeidsongevallen of beroepsziekten) heeft geen gevolg voor het recht op kinderbijslag. De kinderbijslag vervalt wel als er een werkloosheids- of wachtuitkering of een uitkering voor loopbaanonderbreking betaald wordt.