Deze website draagt het AnySurferlabel, een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites. Meer informatie vindt u op www.anysurfer.be.

rszppo.fgov.be burger werksituatie recht op een sociale toeslag

Uw werksituatie wijzigt
U heeft recht op een sociale toeslag

U kunt, onder voorwaarden, aanspraak maken op een sociale toeslag indien u een rust- of overlevingspensioen geniet, langdurig werkloos of langdurig arbeidsongeschikt bent. U moet dan wel "rechthebbende met personen ten laste" zijn.

  1. Rechthebbende met personen ten laste
  2. Inkomsten die meetellen voor de berekening van het gezinsinkomen
  3. Inkomsten die niet meetellen voor de berekening van het gezinsinkomen
  4. Bedrag van de sociale toeslag
  5. Toekenning van de sociale toeslag per trimester: trimestrialisering

 

1. Rechthebbende met personen ten laste

Om als "rechthebbende met personen ten laste" beschouwd te worden, dient een van volgende situaties te gelden:

  • De rechthebbende leeft alleen met een of meer rechtgevende kinderen: het gezinsinkomen mag maximaal 2.144,07 EUR bruto per maand bedragen. De rechthebbende mag werken maar moet wel zijn recht behouden op de rente of de sociale uitkering waaraan hij zijn recht op kinderbijslag ontleent: pensioen, werkloosheidsvergoeding of ziekteuitkering.

  • De rechthebbende is gehuwd of woont samen met een partner en met een of meer rechtgevende kinderen: de gezamenlijke inkomsten mogen maximaal 2.217,20 EUR bruto per maand bedragen. De rechthebbende mag werken maar moet wel zijn recht behouden op de rente of de sociale uitkering waaraan hij zijn recht op kinderbijslag ontleent: pensioen, werkloosheidsvergoeding of ziekteuitkering. Indien de partner zelfstandige is dient het laatste aanslagbiljet van de inkomstenbelasting als bewijs.

  • De rechthebbende leeft gescheiden van de andere ouder die het kind/de kinderen opvoedt en de kinderbijslag ontvangt. De andere ouder is niet hertrouwd en vormt geen feitelijk gezin. Het gezinsinkomen van de andere ouder mag maximaal 2.144,07 EUR bruto per maand bedragen. De rechthebbende mag werken maar moet wel zijn recht behouden op de rente of de sociale uitkering waaraan hij zijn recht op kinderbijslag ontleent: pensioen, werkloosheidsvergoeding of ziekteuitkering.

Het recht op de sociale toeslag wordt gecontroleerd via het formulier P19/P19bis dat jaarlijks in januari toegestuurd wordt aan de betrokken gezinnen.

top

2. Inkomsten die meetellen voor de berekening van het gezinsinkomen

Volgende "inkomsten" worden in rekening gebracht bij de berekening van het gezinsinkomen:

  • alle lonen
  • alle inkomsten als zelfstandige
  • alle uitkeringen van de werkloosheid, van de ziekteverzekering, voor arbeidsongevallen, voor beroepsziekten, voor mindervaliden, enz...
  • alle pensioenen en renten
  • PWA- en dienstencheques

top

3. Inkomsten die NIET meetellen voor de berekening van het gezinsinkomen

Volgende "inkomsten" tellen niet mee in het gezinsinkomen:

  • kinderbijslag
  • forfaitaire tegemoetkomingen voor hulp van derden, betaald aan invaliden en gehandicapten
  • onkostenvergoedingen voor onthaalouders betaald door Kind en Gezin
  • alimentatie
  • forfaitaire vergoedingen voor de voogdij over niet begeleide minderjarige vreemdelingen, ten belope van twee opdrachten, en forfaitaire vergoedingen voor administratiekosten voor die voogdij

top

4. Bedrag van de sociale toeslag

Zie ook "Hoeveel bedraagt de kinderbijslag?"

top

5. Toekenning van de sociale toeslag per trimester: trimestrialisering

Als het recht op de sociale toeslag ontstaat is er meteen recht voor de rest van het lopende trimester en het volgende trimester. Voor de volgende trimesters zijn februari, mei, augustus en november referentiemaanden.

Wie op een willekeurig ogenblik in een maand recht heeft op de toeslag, ontvangt deze toeslag vanaf de volgende maand voor het overige deel van het kwartaal en voor het volgend kwartaal.

Zie ook: "Hoe kinderbijslag aanvragen en ontvangen?"

top